Klas op Stand 2010 - 2011
Ook dit schilderseizoen zit ik weer in de "Klas op stand" bij de Kunstlinie. Het formuleren van mijn probleemstelling en nadenken over de praktische uitvoering, gaat me alvast beter af dan in het eerste jaar. Vorig seizoen heb ik geleerd dat aan het begin niet alles in een plan uitgewerkt hoeft te zijn en dat je al doende tijdens of tussen het schilderproces tot nieuwe ideeën en inzichten kunt komen.
Voor mijn probleemstelling wil ik verder gaan met mijn kleurenonderzoek uit het vorige seizoen. Deze keer wat specifieker:
- Techniek: Onderzoek naar het gebruik van complementaire kleuren / complementaire kleurcontrast.
- Onderwerp: Venusobservaties.
Voor mijn onderwerp venusobservaties - geïnspireerd geraakt door het Wijvenboek (Weiberbuch) van Kurt Löb - ben ik op zoek gegaan naar bestaande schilderijen met in de voorstelling een (half)naaktliggende vrouw op bed of sofa en met stoffen (lakens of wat anders) gedrappeerd (voor onderzoek naar stofuitdrukking). Als voorbeeld
Odalisque van Jean-Auguste Dominique Ingres.
Hieronder volgen nog twee voorbeelden van venusobservaties.
Cézanne maakt in zijn werk
Léda au cygne gebruik van de contrasterende kleurwerking in de schaduwpartijen.
Goethe's kleurenleer
Tijdens mijn speurtocht naar informatie over kleurenleer op het internet en in kunstboekwinkels, ben ik in het schilderseizoen 2009 - 2010 diverse theorieën tegengekomen waaronder die van Goethe. Ik heb kennisgemaakt met de zeven kleurcontrasten uit de kleurentheorie van Johannes Itten. Uit de reguliere schilderlessen wil ik onder andere de opdracht "Alemproviest" - een oefening met het werken met palet bestaande uit een complementair kleurenpaar en hun mengkleuren - gaan gebruiken voor mijn opdracht "Onderzoek naar het complementair kleurcontrast".
Ter voorbereiding ben ik gaan zoeken naar bronnen op het internet over complementaire kleuren. Uit de gevonden informatie heb ik de voor mij wezenlijke elementen geknipt en geplakt in dit document
kleurenleer van Johann Wolfgang von Goethe 
. Ik laat je en mezelf met dit document kennismaken met de kleurenleer van Goethe en vervolgens met het kleurgebruik (de complementaire kleuren) van Vincent van Gogh, J.M. Turner, de Pre-Rafaëlieten, Pointillisten, Ernst Ludwig Kirchner (die Brücke). Ik sluit mijn verhaal af met de Fauvisten (bevrijding van de kleur) en de Kubisten (bervrijding van de vorm).
Één van de eerste venusobservaties: de Venus van Willendorf
De Venus van Willendorf is een beeldje dat in 1908 door de archeoloog Josef Szombathy op een paleolitische vindplaats bij het dorpje Willendorf - op de linker Donau-oever - in der Wachau (Oostenrijk) is gevonden.
Het beeldje is 11,1 cm groot en wordt gedateerd op tussen 24.000 en 22.000 v.Chr. Het werd gemaakt in het hoog-Paleolithicum en werd gesneden uit oölitisch kalksteen dat niet in het gebied te vinden is. Het is gekleurd met rode oker.
Er is zeer weinig bekend over de oorsprong, hoe het gemaakt is, of over de culturele betekenis. Het beeldje is geen realistisch portret, maar een idealisatie van de vrouwelijkheid. Alle vrouwelijke geslachtskenmerken zijn als vruchtbaarheidssymbolen overdreven weergegeven, zoals de volle borsten, dikke buik, venusheuvel, dijen en billen. De andere lichaamsdelen zijn bij het beeldje niet zo ver ontwikkeld, het gezicht ontbreekt, de voeten zijn erg klein. De armen zijn opgevouwen en nauwelijks zichtbaar. Het hoofd lijkt te zijn voorzien van dikke rollen haar, misschien vlechten. Het beeldje kan niet op de voeten staan en zal daarom waarschijnlijk vastgehouden zijn om het te bekijken.
De naam Venus is tegenwoordig omstreden, omdat er geen link is met de Romeinse godin. Ook ziet men geen verband tussen dit beeldje en een figuur als Moeder Aarde. Sommigen stellen dat de corpulentie eerder wijst op een zeer welvarende toestand in de jager-verzamelaars maatschappij uit het Paleolithicum. Naast een vruchtbaarheidssymbool, zou het beeldje dan ook een symbool voor veiligheid en succes kunnen zijn.
17 September 2010
In biercafé "In de Wildeman" een schets gemaakt van Hendrickje Stoffels, badend in een rivier; geschilderd door Rembrandt van Rijn in 1654.
Hendrickje Stoffels was vanaf ongeveer 1647 bij Rembrandt in huis. In eerste instantie als dienstmeisje, maar al snel werd zij meer. In 1649 is Hendrickje in de zomer terug in Bredevoort; ze wordt dan als doopgetuige vermeld in het Bredevoorts Doopboek. De Tachtigjarige Oorlog was voorbij en eindelijk was er ook in het oosten van het land rust gekomen. Mogelijk heeft Rembrandt samen met haar de reis naar Bredevoort gemaakt. In 1654 moet Hendrickje voor de kerkenraad verschijnen omdat ze "in hoererij" leeft met Rembrandt. Dat ze niet alleen zijn dienstmeisje was, was wel duidelijk, want ze was zwanger van zijn dochter. Op 30 oktober 1654 werd Cornelia van Rijn gedoopt in de Oude Kerk te Amsterdam.
Rembrandt kon niet met Hendrickje trouwen, omdat hij dan de erfenis van zijn eerste vrouw Saskia van Uylenburgh zou verspelen. Zelfs met dat geld had hij al genoeg financiële problemen.
Hendrickje kon goed opschieten met Titus, de zoon van Rembrandt en Saskia. Omdat Rembrandt steeds verder in de financiële problemen raakte, begon zij in 1655 samen met Titus een kunstwinkel waar ze zijn schilderijen verkochten. Ook benoemde Titus zijn halfzusje Cornelia tot zijn erfgenaam. In 1663 trof een pestepidemie Amsterdam. Ook Hendrickje werd door deze ziekte getroffen.
Hendrickje werd op 24 juli 1663 begraven in de Westerkerk in Amsterdam. Er zijn meerdere schilderijen van Rembrandt waarvan wordt vermoed dat zij hiervoor model heeft gestaan.
26 September 2010 - Femme Fatale van Kees van Dongen
Koopzondag in Almere, altijd druk in Almere. Ik doe zondag altijd even een ommetje en zo loop ik, in de enige boekhandel in Almere-Stad, tegen het boek "De grote ogen van Kees van Dongen". Zijn kleurgebruik is overweldigend en ik wil daarom het volgende schilderwerk van Van Dongen hier tonen; ook omdat hij met het complementaire kleurenpaar de roden en groenen een harmonisch evenwicht heeft weten te bereiken. Het felle groen in het lichaam benadrukken het rood in de jurk, zonder dat het oog pijn doet.
Tot en met 23 januari 2011 is in het
museum Boijmans Van Beuningen de tentoonstelling
"De grote ogen van Kees van Dongen" te bezichten.
Met onder anderen Matisse, Derain en De Vlaminck behoorde Van Dongen in het Parijs van het begin van 20
e eeuw tot de grondleggers van het
fauvisme. De leden van deze beweging, die haar naam dankt aan de vergelijking met wilde dieren ("fauves"), streefden ernaar door vereenvoudiging van het detail en van de natuurgetrouwe vorm, in pure, ongemengde kleuren een directe, heldere uitdrukkingskracht te bereiken.
Van Dongens onderwerpen zijn vaak afkomstig uit de mondaine upper-class en uit de sjofele wereld van het variété en de danshal. Veel van zijn vrouwenportretten hebben een erotische uitstraling. In 1913 motiveerde hij zijn voorliefde voor zijn verbeeldingen van actrices, zangeressen en "vrouwen uit het leven" vanuit een sociale bewogenheid; hij zou ze uit mededogen schilderen: "Ik ken van al die vrouwen de levensgeschiedenis en die is zoo diep tragisch. Zij kennen het leven in al zijn uitingen. Ik kan niet anders dan die vrouwen met harde kleuren schilderen, misschien doe ik het om zodoende de felheid van hun leven weer te geven?"
2 Oktober 2010
De tweede zaterdagbijeenkomst van de Klas op Stand zijn we gestart met het besnuffelen van de expositieruimte waar in de maand november aan het publiek de resultaten uit het eerste jaar Klas op Stand worden getoond. De samenvatting van mijn schildersproces van dat eerste jaar voor deze expositie staat
hier 
.
Vervolgens ben ik gestart met een serie van drie werken met de opdracht "Alemproviest" uit het vorige schilderseizoen als vertrekpunt. Een oefening met het werken met palet bestaande uit een complementair kleurenpaar en hun mengkleuren - de tertiaire kleuren - voor het versterken van mijn kleurgevoel.
Het liggend naakt van Isaac Israëls gebruik ik als basis. Op schetspapier heb ik zijn voorstelling met potlood geschetst en heb dit stuk papier opgefrommeld tot een prop. Het toevallig onstane patroon heb ik met potlood geaccentueerd en vervolgens overgebracht op een stuk karton van 50 x 70 cm. Met de twee complementaire kleuren oranje (vermiljoen) en blauw (primair cyaan) heb ik de vlakken ingekleurd. Ik ga hier nog een laag overheen schilderen. De andere twee werken zullen worden uitgewerkt in de complementaire set kleuren rood/groen en geel/paars.
14 Oktober 2010 - Giorgio Morandi: abstractie vanuit de realiteit
Deze les zijn er schetsen gemaakt van flessen en potjes om vervolgens in de volgende les een compositie van deze geschetste objecten te schilderen met de werken van Giorgio Morandi als vertrekpunt. Ik wil zijn sobere kleurgebruik en grillige vormen gebruiken voordat ik weer verder ga met mijn venusobservaties. Ook hier wil ik een serie van drie werken met de complementaire kleuren en hun mengkleuren schilderen.
Giorgio Morandi (Bologna, 20 juni 1890 - Bologna, 18 juni 1964) was een Italiaans schilder en graficus gespecialiseerd in eenvoudige, contemplatieve stillevens van flessen, potten en vazen in subtiel verschuivende grijstinten.
Hoewel hij een tijdje in Rome woonde en werkte, was Morandi uitermate verknocht aan zijn geboortestreek. Hij verwierf zich daar een eigen studio, een woonkamer met slechts één raam dat uitkeek op een binnenplaats met bomen van middelgrote afmeting. Hier sliep hij op een campingbed, had hij een tekentafel/bureau, een boekenkastje, zijn ezel en langs de wanden planken vol alledaagse objecten. Hij leefde hier steeds meer als een soort kluizenaar met zijn drie zussen en verliet Bologna zelden. De omgeving inspireerde hem tot het schilderen van zijn stillevens en landschappen, die een meditatieve stilte uitstralen.
Zijn zachte, lyrische kleuren zijn ingetogen en beperkt tot aardekleuren en wit, grauwe groenen en omber bruinen, met af en toe terracotta. Zowel in zijn landschappen als zijn stillevens laat hij de contouren vervagen, door vlakken tegen elkaar te plaatsen en in elkaar te laten vervloeien. Hoewel Morandi's werk hierdoor erg tweedimensionaal is, weet hij door een optimaal gebruik van vorm en restvorm toch een mysterieuze diepte te creëren. In sommige werken zijn de geschilderde objecten nauwelijks herkenbaar. De relatie tussen en de ordening van de geschilderde voorwerpen is wel belangrijk: vorm en tussenvorm, onder en boven en voor- en achtergrond spelen een rol. Vooral in zijn tekeningen komt dit duidelijk naar voren. Objecten komen uit de schaduw naar voren of lossen op door de gebruikte ijle lijnen. In de schilderijen lijken voorwerpen soms te zweven in plaats van te staan in hun verstilling.
In zijn tekeningen is er sprake van een hoge mate van abstractie, misschien nog wel meer dan in zijn andere werk (olieverf, aquarel en etsen). Omdat potlood beperkter is dan olieverf, laat Morandi dikke contourlijnen weg. Door het ontbreken van dikke lijnen, komt de achtergrond naar voren en lijken vormen in het niets op te lossen. Ook hier winnen de tussenvormen aan belangrijkheid: het worden zelf objecten. Hoewel Morandi rechtshandig was, tekende hij af en toe expres met links om de lijnen wat meer vibratie te geven.
Morandi kan niet precies worden geïdentificeerd met een bepaalde stroming binnen de schilderkunst. Zijn grote invloed was het werk van de Franse Post-impressionistische schilder Paul Cézanne, wiens nadruk op de vorm en platte kleurvlakken, Morandi toegepast heeft gedurende zijn hele carrière. Zijn subtiele stijl ziet men vooral goed in de stillevens van kruiken, vazen en flessen door de beperkt aantal kleuren die hij gebruikte. Zijn stijl is snel herkenbaar mede omdat hij zich vrij onafhankelijk heeft ontwikkeld. Door zijn onafhankelijkheid waren zijn overgangen van stijlen vrij ruw, in 1914 is er duidelijk spraken van het Futurisme in zijn werken. Vanaf 1915, toen hij ook kort in het Italiaanse leger diende, is de stijl van Paul Cézanne duidelijk zichtbaar in zijn werken. Tussen 1918 en 1922 begeeft zijn werk in de kunstrichting Pittura metafisica, die het tegenovergestelde was van het eerdere Futurisme. Kunstenaars die werkten in de metafysische schilderkunst probeerden om alledaagse voorwerpen te doordrenken met een dromerige sfeer van mysterie.
Toen Morandi uiteindelijk diverse kunststromingen achter zich liet, werkte hij vooral met tonaliteit (het beeld dat kleurverhoudingen en schakeringen in tint, licht en donker oproepen) in zowel zijn landschappen als in zijn stillevens. Zijn landschappen behandelde hij hierbij min of meer als stillevens. Met zijn manier van werken wilde Morandi meer greep op de werkelijkheid krijgen. Zelf zei Morandi hierover: "Het enige wat mij in de zichtbare wereld interesseert zijn ruimte, licht, kleur en vorm." Daarom deed Morandi weinig met de textuur (stoffelijke kenmerken) van zijn onderwerpen.
21 Oktober 2010 - Stilleven met bierglazen volgens Morandi: Opening
Mijn stilleven met bierglazen bestaat uit een serie van drie:
- Achtergrond in grijs-groen, glazen in rood, groen en hun mengkleuren.
- Achtergrond in grijs-oranje, glazen in blauw, oranje en hun mengkleuren.
- Achtergrond in grijs-paars, glazen in geel, paars en hun mengkleuren.
De achtergrond bestaat uit chromatisch grijs; waarbij ik de secundaire kleur uit het complementaire paar gemengd heb met zwart en wit.
Verder heb ik uit een stapel tijdschriften, van "Opa" van Asli Indonesia op de Belfort in Almere, een interessant
artikel over kleurmengen 
gevist.
19 November 2010 - Tentoonstellingen Kees van Dongen en Edvard Munch in Rotterdam
Vrijdag 19 November heb ik in Rotterdam twee musea bezocht. Eerst in het
museum Boijmans Van Beuningen de tentoonstelling
"De grote ogen van Kees van Dongen" en daar achteraan in de
Kunsthal de tentoonstelling
"Edvard Munch".
Beiden vind ik fascinerende kunstenaars uit de laat negentiende- en begin twintigste eeuw. Het felle kleurgebruik van Kees van Dongen maakt me vrolijk. Van Dongen gebruikt groenen en blauwen in de huidskleur en soms met lijnen de vorm accentueren. Deze technieken wil ik in mijn kleuronderzoek betrekken. Daarentegen maakt het werk van Munch me neerslachtig.
Een bekend citaat van Munch "We should no longer paint interiors with men reading and women knitting. We should paint living people who breathe, feel, suffer and love." "Het zieke kind" is het centrale werk voor zijn paardenkuur waarmee hij zijn schilderwerken behandelde. De doorleefdheid in zijn manier van werken en het uitbeelden van emoties spreken mij enorm aan. Munch zette zijn doeken buiten om ze een paardenkuur te geven door ze bloot te stellen aan de weersomstandigheden om ze versneld te laten verouderen. "Het zieke kind" bewerkte hij steeds opnieuw; kraste het open, liet er verf uitvloeien en telkens weer de eerste indruk zichtbaar willen maken.
25 November 2010 - Stilleven met bierglazen volgens Morandi: Tussenspel
Door mijn kennismaking met de paardenkuur van Edvard Munch blijven de stillevens van Morandi me prikkelen in mijn onderzoek naar doorleefdheid. Verweerdheid en emotie had ik in mijn probleemstelling van de vorige Klas op Stand als interessegebied opgenomen. Ik heb toen getracht in mijn werk "De legende van de drie maagden" met gelaagd schilderen en af te wisselen met droge en waterige techniek de verweerdheid in mijn werk te krijgen.
Morandi weet door zijn versimpeling van de vorm en sober kleurgebruik zijn flesjes een levend karakter te geven. Vandaar dat ik nog even verder ga met mijn stilleven, misschien dat ik de paardenkuur van Munch ga gebruiken om mijn bierglazen een verweerde uitstraling te geven. Tot zover is na een tweede en derde laag schilderen dit mijn resultaat van het stilleven met bierglazen volgens Morandi.
2 December 2010 - Stilleven met bierglazen volgens Morandi: Sluiting
Met de derde laag schildering heb ik nog niet het stadium van leven in mijn stilleven bereikt. Ik heb de paardenkuur van Edvard Munch op mijn doekjes losgelaten door met een afwasborstel onder de koude kraan over mijn bierglaasjes te borstelen. Ik vind het een geslaagde poging geworden om verweerdheid in mijn stilleven te krijgen...wordt vervolgd!
4 December 2010 - Venusobservaties #006 - Liggend naakt Model Hannie
Deze zaterdagochtend heb ik
echt geschilderd: het zetten van een verfstreek en er vanaf blijven. Onze schilderleraar George was erg tevreden over het resultaat van de cursisten en merkte gekscherend op: "Zelfs Tom is gaan schilderen!". Ik heb de neiging als ik te ongeduldig ben om te gaan
POETSEN; de verfstreek op dezelfde plek te herhalen, waardoor ik het doodsmeer en mezelf frustreer. Met het geschilderd portret van mijn ex-manager had ik al een gevoel van dat ik minder aan het poetsen ben. Ik heb nu onder tijdsdruk geschilderd, zodat ik niet de gelegenheid had om een reeds geplaatste verfstreek te heroverwegen. Dat heeft goed uitgepakt en voelt als een belangrijke stap in de groei van mijn schilderproces en het ontdekken / ontwikkelen van een eigen schilderstijl.
De compositie van "Venusobservaties #006" neem ik als vertrekpunt voor het vervolg van mijn complementaire kleurenstudies.
5 Januari 2011 - Venusobservaties #007 - Liggend naakt Model Hannie - Complementaire kleuren
Gekeken naar het werk van Kees van Dongen heb ik in Venusobservaties #007 gebruik gemaakt van het complementaire kleurenpaar rood - groen. Ik heb in de huidstint een zweem groen zitten en heb zo hier en daar omlijningen met groen en rood gebruikt om het lichaam te laten fluoriseren.
8 en 20 Januari 2011 - Venusobservaties #008 - Liggend naakt Model Hannie - Karakteristieke kleuren uit de kleurencircel van Goethe
In deze studie wil ik de werking van de karakteristieke kleuren uit de kleurenleer van Goethe onderzoeken. De kleuren die in het werk aan elkaar grenzen, zijn niet elkaars complementaire kleur en grenzen niet aan elkaar in de kleurencirkel van Goethe. Doordat deze kleuren zodanig van elkaar verschillen dat ze niet in elkaar kunnen overvloeien, versterken ze elkaar volgens Goethe, en zelfs nog sterker dan de complementaire kleuren dat doen. Maar is dat ook wel zo? Op deze vraag wil ik met dit onderzoek voor mezelf een antwoord kunnen geven.
Als karakteristieke kleurenpaar heb ik rood - blauw gebruikt. De achtergrond is opgezet met chromatisch grijs: blauw (primair cyaan), zwart en wit. In de huidstint zit een zweem blauw (primair cyaan).
5 Februari 2011 - Spiegelbijeenkomst - Mijn dilemma Goethe's karakteristieke kleuren of complementaire kleuren
Uit de twee kleurenstudies van "Liggend naakt Model Hannie" in rood-groen en rood-blauw, zie ik niet of de werking van de karakteristieke kleuren uit de kleurenleer van Goethe in de rood-blauwstudie krachtiger is dan aan elkaar genzende complementaire kleuren in de rood-groenstudie.
Ik zou van de studie in rood-groen een nieuwe studie kunnen maken met een lichtere toon groen en meer groen in de huidtint. Echter voel ik zelf aan dat ik uit dit vraagstuk nooit uit zal komen. Ik zie in dat ik op een dood spoor ben aanbeland en me niet verder moet ingraven in de theorie, zoals ik dat de eerste twee maanden van Klas op stand 2009-2010 heb gedaan. Een belangrijke constatering is dat de sfeer die beide schilderijtjes oproepen verschillend is. De kleuren uit de rood-blauwe studie zijn harmonisch doordat de kleur blauw overal in is verwerkt, maar de sfeer is afstandelijk door het koele blauw. Bij de rood-groene studie knalt het liggend naakt eruit; de voorstelling komt directer over.
Ik ga verder met mijn Venusobservaties in de vorm van "Liggend naakt":
- Project "Met Een Naakt Model Op Bed De Winter Door" uit de reguliere teken- en schilderlessen.
- Kleurgebruik van Kees van Dongen.
26 Februari 2011 - Kees Maks - Schilder van het mondaine leven
Cursiste Germaine, die bij mij in de donderdagavond schildergroep zit, gaf me de tip om naar het werk van Kees Maks te kijken. Kees Maks was een leerling van George Hendrik Breitner; hetgeen in de gedurfde, robuuste opzet van zijn schilderijen terug te vinden is. Hij wordt gerekend tot een van de belangrijkste moderne, figuratieve kunstenaars van het begin van de 20
e eeuw. Terwijl in het begin van de 20
e eeuw de avant-gardistische schilderkunst haar invloed deed gelden in Europa, keerden veel kunstenaars in het interbellum terug tot een meer neo-klassieke figuratie, die bekend werd als
"Retour a l'ordre". Met name in Parijs verwierven deze figuratief werkende kunstenaars, waaronder Kees van Dongen, faam. In Nederland is ten onrechte nooit veel belangstelling voor dit soort kunst geweest.
Kees Maks maakte naam met zijn schilderijen van het mondaine uitgaansleven. Circusvoorstellingen, dansparen, wandelende gezelschappen en tuinfeesten waren tot dan toe onbekende thema's in de Nederlandse kunst. De levenslustige onderwerpen en de frivole manier van schilderen, waarbij de kunstenaar met heldere, felle kleuren flinke kleurvlakken vormde, imponeerden het publiek. Samen met Kees van Dongen en Jan Sluijters zorgden de werken van Maks voor ophef vanwege hun moderne karakter. Anders dan deze kunstenaars is Maks onterecht in de vergetelheid geraakt.
5 Maart 2011 - Spiegelbijeenkomst - Met Een Naakt Model Op Bed De Winter Door
Zondagmiddag 27 Februari een start gemaakt met

het opzetten van de voorstelling Sonja en haar dochter Tessa op doek. Uitgangspunt is een potloodschets van 10 Februari. Vandaag heb ik op doek correcties met houtskool aangebracht aan de compositie. Ik heb de billen van Sonja groter gemaakt en haar rug meer gebogen gemaakt in de richting naar haar dochter om de intimiteit tussen moeder en dochter nog meer te benadrukken.
2 April 2011 - Spiegelbijeenkomst - Met Een Naakt Model Op Bed De Winter Door
Na een aantal lagen schilderen, ben nog niet tevreden over de compositie en kleurgebruik. Ik kreeg het advies van George om van het doek af te komen en opnieuw studies te maken van verschillende composities om vervolgens terug te keren naar het grote doek.
7 April 2011 - Met Een Naakt Model Op Bed De Winter Door - Groen als onderlaag
Ik wil net als bij de naaktschilderijen van Kees van Dongen dat het groen doorschijnt in de huidskleur. Daarvoor heb ik de kleur groen gebruikt voor de onderlaag van het lichaam van Sonja.
14 April 2011 - Met Een Naakt Model Op Bed De Winter Door - Groen en blauw in huidskleur
Voor dieptewerking in mijn schilderij heb ik de kleur blauw (primair cyaan) in de huidskleur van Tessa en de restvorm boven Tessa verwerkt.
12 Juni 2011 - Presentatie
Mijn eindresultaat van "Met Een Naakt Model Op Bed De Winter Door" wil ik op de tentoonstelling Klas op Stand in September presenteren met een
poster van 100 x 80 cm 
, waarmee ik in de vorm van een krantenpagina mijn schildersproces van het tweede jaar Klas op Stand heb weer gegeven.
24 Juni 2011 - En tenslotte dan nog dit
Een slotaccoord in de vorm van een collage van fragmenten uit de diverse opdrachten van dit schilderseizoen met "I love you with my Ford" (1961) van James Rosenquist als uitgangspunt.
9 September 2011 - Expoboek
De resultaten van de cursisten uit de Klas op Stand worden tevens gepresenteerd in de vorm in een
fotoboek 
.