Galerie schilderijen 2003
Balans tussen techniek en articiteit
Ik schets (vrij impulsief) in houtskool en verf. Hierbij let ik op de
vormen,
perspectief en
compositie. Voor het uitwerken in
kleur kun je
dieptewerking/plasticiteit (Kees Verweij, een impressionistische schilder was een meester in dieptewerking) suggereren door dingen van dichtbij een donkere kleur te geven en van veraf een lichtere kleur. Dit is niet hetzelfde als de
licht- en schaduwwerking (hier speelt de positie van de lichtbron een rol). Diepte en ruimte zijn ook te suggereren door de lijnen op de voorgrond zwaarder aan te zetten en lijnen ver weg minder accent te geven. Besteed niet alleen aandacht aan het onderwerp maar ook aan de achtergrond.
Monumentaal schilderen - betrek de omgeving buiten het doek - geeft de illusie dat de toeschouwer deel uitmaakt van het schilderij. Dit kan je bereiken door bijvoorbeeld niet het hele onderwerp op het doek te schilderen maar slechts een gedeelte ervan, zodat het andere gedeelte van het onderwerp (dit kan een object of een actie/handeling zijn) zich buiten het doek afspeelt/bevindt.
Belangrijk is jouw manier van schilderen; je handtekening, dus probeer niet goed te schilderen dan gaat het neigen naar kitsch.
Zoek een balans tussen jouw
techniek en articiteit (jouw visie, jouw kleuren, jouw persoonlijke verfstreken). Voor mij is elk schilderij een ware worstelpartij om de juiste balans te vinden tussen techniek en articiteit. Kortom ik ben nog lang niet klaar.
Model schetsen
- Compositie: plaats 3 punten voor bijvoorbeeld het hoofd, voet of achterwerk. Gebruik hulplijnen.
- Houding: Wat zijn de steunpunten, dus op welke ledematen wordt gesteund.
- Perspectief: verkorte beweging
- Ruimte/diepte suggereren door de lijnen op de voorgrond zwaarder aan te zetten en lijnen ver weg minder accent te geven.
Inspiratie door 19e eeuwse schilder
Kleurgebruik, thema/onderwerp, toets, compositie zijn facetten waardoor je geïnspireerd kunt raken. Ik heb gekozen voor de schilder Van Gogh en zijn zelfportretten.
Veel van Van Gogh zijn werken worden gekenmerkt door zijn kleine toetsjes en het ritme/beweging van deze toetsjes. Hij wilde eigenlijk net als de pointillisten: stippelen. Ik heb getracht ritme in mijn zelfportret aan te brengen; het is een expressionistisch schilderij geworden.
Ik heb geschets door grote vlakken te verfen. Ik heb vanuit de achtergrond naar het portret toegewerkt. Hiermee heb ik mijzelf de tijd gegeven om de vormen in het portret te corrigeren tijdens het schilderen.
Ik heb dekkend geschilderd en mijn kleuren op het doek gemengd. De lichte partijen heb ik naar voren gehaald door te beginnen met wit en vervolgens de kleuren erbij te mengen totdat ik de juiste kleurtoon te pakken heb.
Dit jaar zijn mijn favoriete kleuren geeloker en karmijn.
Een eigen databank voor inspiratie
Deze opdracht is begonnen met het maken van een serie van 24 foto's (snap shots) met als mogelijke onderwerpen van privé naar werk. Aan de hand van de foto's is ieders thema bepaald door de hele groep. Mijn thema is architectuur. Het doel van deze opdracht is om een databank aan te leggen waar je je inspiratie uit kan halen. Zo'n databank kunnen foto's zijn maar ook herinneringen die je in je geheugen hebt opgeslagen.
Ik heb me laten inspireren door de wijdsheid van het landschap, de kleuren en strakke vormen van de gebouwen van de stad Almere. En door het idee dat deze stad een stad in beweging is, en dan bedoel ik dat er constant wordt gebouwd.
Portretten
Project 1-2tje III
Aan het derde 1-2tje project is ook weer gewerkt in tweetallen. De opdracht was een schilderij in gedachten te nemen die indruk bij je heeft achtergelaten en dat met woorden aan elkaar over te dragen. Aan de hand van de verkregen informatie zijn de 'overgedragen' schilderijen geschetst en tenslotte geschilderd. Het schilderij wat mijn partner in gedachten had was 'Light' van Kadinski.